Abbenes
In de middeleeuwen behoorde Abbenes tot de abdij van Noordwijkerhout. Aan deze geschiedenis heeft het dorp haar naam te danken: ‘het nes van de abt’. Omdat het dorp oorspronkelijk een eiland was – te midden van de woeste ‘Waterwolf’ – kwam het na de drooglegging geïsoleerd in het polderlandschap te liggen. Vanuit de lucht zijn de vroegere contouren van het eiland goed te onderscheiden van de rechte en gelijkmatige kavels van het ‘nieuwe’ land.
Tot vlak na de Tweede Wereldoorlog was Abbenes een agrarisch dorp; inwoners waren direct of indirect afhankelijk van de landbouw. In die tijd was de gemeenschap – door het isolement – naar binnengekeerd en op zichzelf gericht. Met de aanleg van betere verbindingen en de ontwikkeling van enige bedrijvigheid raakten Abbenessers meer verbonden met de buitenwereld.
De eerste huizen in Abbenes werden gebouwd langs de Hoofdvaart. Vanaf de jaren ’60 is het dorp langs beide zijden van de vaart flink uitgebreid. De woningen uit deze periode kennen weinig variatie; de straten zijn strak en rechtlijnig. Omdat de woningvoorraad voor een derde bestaat uit corporatiewoningen , trekt Abbenes lagere inkomensgroepen. De afgelopen decennia zijn nog slechts op kleine schaal woningen bijgebouwd, maar door de nabijheid van Schiphol zijn nauwelijks nog mogelijkheden tot verdere uitbreiding.
De geïsoleerde ligging in Haarlemmermeer heeft waarschijnlijk bijgedragen aan het hechte gemeenschapsgevoel in het dorp. Kleinschalig woningbouw zorgde ook voor nieuwe instroom en dat remde de vergrijzing in Abbenes. Maar ondanks de jonge instroom heeft een deel van de Abbenessers de pensioenleeftijd overschreden. Gebrek aan elementaire voorzieningen in de buurt maakt de veroudering van de wijkbevolking een punt van aandacht.